VN Resolutie 1325

Nationaal actieplan in Congo

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft in 2000 resolutie 1325 aangenomen over meer invloed van vrouwen in vredesprocessen. Het conflict dat al sinds 1996 plaatsvindt in Oost Congo maakt het voor Congolese vrouwen hard nodig om zich bezig te houden met het pleiten voor vrede; nationaal, regionaal en internationaal. Al in 2002 voerden vrouwen daarom al op grote schaal acties tijdens de vredesonderhandelingen in Sun City.

In 2004 vroeg het VN Secretariaat aan haar leden om een nationaal actieplan op te stellen voor de implementatie van resolutie 1325. In 2005 begon de Congolese regering via het ministerie van vrouwenrechten met het ontwikkelen van trainingsprogramma's voor ambtenaren met het doel om tot een nationaal actie plan voor resolutie 1325 te komen. Het initiatief werd ook opgepakt door vrouwenorganisaties. Het plan is uiteindelijk goedgekeurd door de regering in 2010. Het proces wordt geleid door het ministerie van gender, familie en kinderen en ondersteund door UN Women. Het actie plan[1] bevat drie niveaus voor the implementatie van de resolutie: een nationale, provinciale en lokale commissie.

Resolutie 1325 in Zuid-Kivu

Vandaag de dag hebben slechts 2 provincies in Congo de provinciale commissie geïnstalleerd: Katanga en Zuid-Kivu. De laatste heeft één keer een workshop georganiseerd over de implementatie van het nationale actie plan van resolutie 1325 met behulp van de Zwitserse ontwikkelingssamenwerking. Het ministerie van gender zal dit jaar ook de overgebleven commissies opzetten. Het provinciale actie plan voor Zuid Kivu wordt nu uitgewerkt. De hoofddoelen zijn vrede, veiligheid en afname van seksueel geweld, HIV/aids, vrouwenrechten, politieke participatie van vrouwen, rule of law, regionale en internationale samenwerking, onderzoek, studie, monitoring en evaluatie. Minister M. Mwanza Nangunia zegt dat ze voor de implementatie van het provinciale in 2014 plan steun nodig heeft van de provincies en van externe partners zoals de UN Women en SDC.

Solange Lwashiga, secretaris van de organisatie 'Caucus des Femmes pour la Paix' in Zuid-Kivu en voorzitter van de provinciale commissie, stelt dat voordat vrouwen de leiding kunnen nemen van de lokale commissies training nodig is.

De uitdagingen

Congo heeft nog een lange weg te gaan voor de implementatie van resolutie 1325. Met betrekking tot de politieke participatie van vrouwen heeft het land vaker regels en programma's aangenomen. Maar implementatie is wat anders en we moeten erkennen dat er nog veel werk te doen is. Een voorbeeld is het aangenomen vrouwen quota van 30% (parlementariërs): er zijn nog grote gaten tussen de theorie en de praktijk: er is geen duidelijke vrouwelijke representatie in besluitvormende organen; in de regering heeft nooit meer dan 15% vrouwen gezeten; op dit moment zijn er maar 5 van de 45 ministers vrouw. In de nationale vergadering zijn er slechts 42 vrouwen gekozen van de 500 afgevaardigden(8%); van de 120 senatoren zijn er 5 vrouw. Van de 120 toegelaten politieke partijen zijn er maar 10 opgericht door vrouwen.

Volgens Mr. Irène Isambo, van het onderzoekscentrum CJR 1325, een van de drie vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties in de nationale commissie, zijn er maar enkele doelen bereikt in de implementatie van Resolutie 1325. Op nationaal niveau is er een Ministerie van Gender, familie en kinderen, Naast het ministerie zijn er provinciale afdelingen. Verder is de Nationale Raad voor Vrouwen opgericht, een Congolees staatsorgaan, verantwoordelijk voor het monitoren van de implementatie van verdragen en overeenkomsten geratificeerd door de DRC. In 2009 is de rijksdienst voor de implementatie van 1325 opgericht. Toen zijn ook de organisatie en de procedures van de nationale commissie geregeld, de begroting van de 1325 resolutie is aangenomen en het nationaal strategisch document over gender-balans in ontwikkelingsprogramma's en beleid is vernieuwd. Verscheidene regels, programma's en beleid voor de promotie van gender en de strijd tegen op gender gebaseerd seksueel geweld zijn goedgekeurd en tenslotte zijn er een aantal forums en bijeenkomsten over de implementatie van 1325 georganiseerd.

Internationaal

Op regionaal niveau neemt neemt het ministerie van gender deel aan het sub-regionaal actie plan van resolutie 1325 van Rwanda, Burundi en de DRC. Dit heeft geleid tot het oprichten van een regionale commissie. In de praktijk functioneren deze instrumenten nog steeds gebrekkig: tijdens de conferentie van Addis Abeba in januari 2013 waren vrouwen niet vertegenwoordigd en - erger nog - de specifieke eisen van vrouwen werden niet eens meegenomen in de beloften die de Congolese regering deed[2]. In deze context hebben het ministerie van gender en enkele Congolese vrouwen organisaties een discussie gehad met Mary Robinson en haar vertegenwoordigers om een beroep te doen op de groep ondertekenaars om rekening te houden met gender kwesties in de implementatie van de overeenkomst.

In 2013 hebben overigens de meeste donoren toegezegd de implementatie van de resolutie te ondersteunen. Ondanks de mooie instellingen verhinderen genderongelijkheid en culturele obstakels vrouwen nog steeds te participeren in de besluitvormde organen en in de initiatieven van voor vrede, veiligheid en ontwikkeling.

Het grote aantal vrouwen groepen en -bewegingen op dit moment in DRC is opvallend wanneer je het vergelijkt met de daadwerkelijke contributie van vrouwen. Het wordt tijd dat vrouwen niet langer bijrollen krijgen toegedeeld maar volledig in besluitvormingprocessen worden betrokken: van de familie tot op de hoogste niveaus van politieke macht.

Yvette Mushigo
Juriste, expert in 1325, FAF

[1] http://www.peacewomen.org/assets/file/drc_nap_2010.pdf

[2] http://www.peaceau.org/uploads/scanned-on-24022013-125543.pdf